HET VRIJDAGINTERVIEW JAN WILLEM VAN OPSTAL

‘Ik wil mensen een onvergetelijke herinnering bezorgen’

Vermakelaar in Ontroerend Goed

Jan Willem van Opstal Foto: Gerard Verschooten

Of je hem nu een koksmuts, een mijter of een middeleeuwse baret opzet, het past hem allemaal. Accordeon, gitaar, piano? Hij bespeelt ze. Oesters of een 6-gangen menu? Hij bereidt ze met liefde. Jan Willem van Opstal is theatermaker, muzikant/zanger en culinair kleinkunstenaar. Onder meer.

De Gelderlander
Claudia Fitsch Nijmegen 29-11-19
Nijmegen 29-11-19
Jan Willem van Opstal is in Nijmegen vooral bekend als muzikant en ‘zingende oesterman’. Maar als je zijn cv leest, word je duizelig van alle activiteiten.

Je werkte in een circus, had als ‘middeleeuwse troubadour’ Yann Lawick een theaterprogramma, maakte CD’s. Maar je hebt ook ervaring in de zorg, begeleiding en kinderopvang.

Veel is toevallig zo gelopen. Mijn oudere zus, Jeanine, heeft het syndroom van Down. Vroeger, thuis, ging ik haar steeds meer begeleiden, bracht ik haar naar muziek- en dansles. Toen haar docenten stopten, nam ik het tijdelijk over, als muziekbegeleider en dansdocent. Tenminste, dat was de bedoeling, maar het werden een paar jaar. Zo ben ik uiteindelijk ook activiteitenbegeleiding gaan doen in de zorg.
Ik rolde daarna via werk en vrijwilligerswerk van het één in het ander en dan wilde ik een diploma op dat gebied. Activiteitenbegeleiding, muziektherapie, educatief werk. Ik heb veel geleerd, maar soms bleek dat een opleiding niet datgene bood wat ik zocht, zoals de kunstacademie.

Door jouw studie aan de Kopse Hof belandde je in Nijmegen?

Ja. Ik deed muziektherapie, totdat het dak van mijn huis waaide op een moment dat ik even weg was. De storm had mijn werkstuk, dat op de piano lag, ‘all over’ Lent geblazen’, waar ik woonde. In die tijd had ik nog geen computer en de moed ontbrak me om opnieuw te beginnen. Dus besloot ik over te stappen op de studie ortho-agogisch werk.
Ik blijf me ontwikkelen. Mijn jongste diploma is van juni dit jaar. De afgelopen jaren heb ik in Antwerpen aan de PIVA Hotelschool een ambachtelijke, klassieke koksopleiding gedaan. Daar leer je de fundamenten van het vak.

Je bent veelzijdig: kok, acteur, clown, muzikant, liedschrijver, ‘zingende oesterman’. Is muziek een rode draad?

Ja. Van huis uit hoorde ik veel klassieke muziek, mijn vader speelde piano en blokfluit, mijn moeder citer. Mijn vroege jeugd heb ik doorgebracht in het Bretonse vissersdorp Lesconil, waar mijn ouders onderzoek deden naar een bepaalde bacterie die op zeewier groeit. In Lesconil zat ik als baby soms in de box in café Ty-An-Aod, samen met het zoontje van de café-eigenaar. Mijn ouders waren bevriend met de cafébaas en zijn vrouw. Alan Stivell, toen nog niet beroemd, speelde daar op zijn Keltische harp, de vissers zongen er Bretonse liederen. Dat is mijn muzikale basis. Als kind kreeg ik bovendien al jong muziekles.
Die Frans-Bretonse erfenis zie je terug bij de zingende oesterman. De chansons en ‘les huîtres’, de oesters, vormen een harmonieuze combinatie, die ik verder heb uitgebouwd. Sinds kort heb ik een eigen bedrijf. Moment Suprême: klank-spijs concepten.

Wat moeten we ons daarbij voorstellen?

Een avondvullend meergangen-diner met muziek, ter plekke bereid bij mensen thuis of op een andere locatie. Iedere gang voorzie ik van een bijpassend lied. Muziek, gerechten en dranken kunnen elkaar versterken, waardoor je met meer aandacht geniet. Met de combinatie koken en kleinkunst ben ik, denk ik, redelijk uniek. Ik creëer koestermomenten, wil mensen een onvergetelijke herinnering bezorgen.

Wat drijft jou? Wat maakt musiceren, acteren en koken zo de moeite waard?

Ik ben een pleaser, vind het fijn om het mensen naar de zin te maken. Of ik nu voor ze zing of voor ze kook. Ik word oprecht blij als ik zie dat mensen genieten van een avond uit. Gastvrijheid heb ik van thuis meegekregen, mijn ouders waren heel sociaal, ontfermden zich over mensen. Zo namen ze eens een Engelse lifter mee in de auto. En naar huis. Die heeft uiteindelijk een jaar bij ons op zolder gewoond.
Daarnaast houd ik zelf erg van lekker eten en drinken. Een levensgenieter? Dat denk ik wel ja.
PASPOORT
Jan Willem van Opstal (Breda, 1965), doorliep na zijn jeugd in Frankrijk de middelbare school in Breda. In die tijd schreef hij een musical voor het jongerenkoor waarin hij zong en op zijn zestiende maakte hij zijn eerste clownsvoorstelling.
Hij pendelde als muzikant veel tussen Frankrijk en Nederland en deed internationale tournees met commedia dell’arte groep ‘il Popolo’ en diverse andere groepen.
commedia dell’arte groep ‘il Popolo’ en diverse andere groepen.
Vanaf 1986 treedt hij op als middeleeuws troubadour.
Hij was in de jaren ’90 de grondlegger van Upside Down Produkties, een impresariaat voor ‘ambulant vermaak op maat’, met troubadours, goochelaars, narren, waarzegsters, vuurspuwers en andere animatoren.
In 1998 kwam zijn eerste cd uit, Moment Suprême. Later volgden er meer.
Later volgden er meer.
In 2012 en 2013 trok hij langs theaters met zijn zelfgeschreven programma ‘Ontroerend Goed’.
Verder acteerde hij in bedrijfsfilms, educatieve films, commercials en een speelfilm.
Sinds enkele jaren brengt hij zingend de oester onder de aandacht van een groter publiek. Vanaf juli 2019 verzorgt hij ‘klank-spijs concepten’. Daarnaast werkt hij als projectleider en programmeur in het Wintercafé van Cultuurpodium Groene Engel in Oss.

Tegenslag.

Vandaag had ik heel de dag willen koken. Het had de eerste stap moeten zijn in wat mijn nieuwe bedrijf moet worden. Ik was heel blij met de geboden kans. Morgen zou ik voor het eerst mijn nieuwe concept gaan uitproberen. Gisterenavond zou ik na mijn ingreep de rest van de inkopen doen en vandaag had ik heel de dag de tijd voor de mise en place gereserveerd. Ik kan nu eenmaal nog niet lang staan i.v.m. mijn hielsporen en vanwege de ingreep, maar ik had het goed gepland en voorbereid. Het dessert had ik gisterenmorgen al gemaakt en staat al in de ijskast.

Maar weer laat mijn lijf me in de steek. Gisteren had ik een laserbehandeling in het Radboud UMC. Er is iets mis met mijn aders, iets met klepjes die onvoldoende werken waardoor het zuurstofarme bloed niet goed meer terug stroomt naar mijn hart. De vorige keer hadden ze mijn rechterbeen gedaan en kon ik na een uur gewoon op de fiets naar huis. Ik had wel pijn, maar daar zijn pillen voor. (Of eigenlijk tegen natuurlijk)

Gisteren liep het anders. Na de ingreep bleken er complicaties te zijn. Ik bleef bloeden en er moest een vaatchirurg aan te pas komen om me weer op te kalefateren. *) (Lees hieronder hoe toepasselijk dit woord etimologisch is) De ingreep was om 13:30 uur en om iets voor 19:00 uur verliet ik voor de tweede keer pas de OK.

Ik mag de komende dagen niet staan en moet zo weinig mogelijk lopen.
Ik moest de lieve mensen waar ik mijn concept ging uittesten dus afbellen. Gelukkig reageerden zij heel sportief en begrijpend. Niet veel later werd ik zelfs via Messenger beterschap gewenst door de gasten waar ik voor zou gaan koken en zingen. Zo lief.

Nu zit ik dus met mijn been omhoog op de bank ziek te wezen en te balen.
“Diep zuchten en op de toekomst focussen” probeer ik tegen mezelf te zeggen. De gerechten, en bestellingen, flarden van de teksten van de liedjes, alles spookt nog door mijn hoofd, ook al weet ik dat ik daar nu even niks mee kan.

Het voelt als falen ook al weet ik ergens diep van binnen dat het dat niet is. Dit soort dingen hoort je sterker te maken geloof ik. Toch ben ik niet goed in tegenslag. Ik kan niet goed omgaan met teleurstellingen en nog slechter tegen teleur stellen geloof ik.

De zon schijnt, ik geniet van de vogeltjes in de tuin en ik zag net zelfs een vlinder. Weer maar eens reculer pour mieux sauter

De zingende oesterman vertelt:
*) Opkalefateren– ook wel opkalfateren, betekent herstellen, opknappen of oplappen. De term komt uit de scheepvaart en heeft betrekking op het dichtmaken van naden om schepen waterdicht te maken. Etymologisch heeft het woord een Arabisch en/of Griekse oorsprong.

lees meer ….

Nieuwsbrief

Klik hier om de nieuwsbrief in uw browser te lezen.
Delen mag 😉

klank-spijs combinaties

twit linkedIn instagram facebook pintrest G+

zalmrondje-pasen2019
Nu ik bijna klaar ben met mijn koksopleiding aan de PIVA Hotelschool te Antwerpen ben ik voorzichtig vooruit aan het kijken. Zo ben ik bezig met het ontwikkelen van nieuwe concepten.
Ik ga, voortbordurend op het belevingsconcept van de zingende oesterman, huiskameroptredens combineren met koken.
Natuurlijk zal mijn focus vooral liggen op schaal- en schelpdieren en nog meer heerlijks uit de zee, maar er zal af en toe ook een uitstapje worden gemaakt naar gevogelte, vlees en zoetigheden.

De nadruk zal liggen op het in de watten leggen van de gasten. Verwennerij.

Het is mij, door een nieuw vak te gaan leren, vooral opgevallen wat voor mij de overeenkomst is tussen mijn oude en mijn nieuwe beroep.

Bij zowel mijn passie voor theater en muziek maken als bij het koken kun je stellen dat je werkt aan een vergankelijk product dat zorgt voor een mooie herinnering. Je creëert een moment waarvan je hoopt dat het een dierbaar moment wordt.  In het gunstigste geval creëer je een onvergetelijke herinnering.

Alles wat je met aandacht doet wordt beter. En dat geld natuurlijk voor zowel luisteren als voor proeven. Bovendien kunnen ze elkaar versterken.

11986312_1068933999783304_6894988059201286857_n

Als zingende oesterman heb ik al mensen kunnen laten genieten van mijn liederen over Bretagne met de smaak van de Bretonse oester in de mond. Sinds kort kan daar ook nog een Bretonse witte wijn bij worden geschonken of een Bretons speciaalbier. Of wat dacht u van Ierse deunen en drinkliederen in combinatie met Ierse oesters en Guiness.
En natuurlijk mag de Zeeuwse oester niet ontbreken en daar kan prima Nederlandse wijn of een streekbier bij worden genuttigd terwijl ik een mooi Nederlandstalig lied zing.

Ik ben nu aan het stoeien met het repertoire; welk lied past bij welk gerecht. En welk recept past bij welke uitvoering van welk nummer. De mogelijkheden zijn weer eens onuitputtelijk.

wordt vervolgt …..
PS ik ben gewoon weer terug op Facebook.
Het is toch gewoon makkelijker met dan zonder.

De zingende oesterman

“Reculer pour mieux sauter”

twit linkedIn instagram facebook pintrest G+


“Reculer pour mieux sauter”

Één van de vele prachtige wijze spreuken uit de taal van mijn jeugd. Een stapje terugzetten om beter te springen. Dit moeten we af en toe doen. Zoals ik nu ook eens goed moet beschouwen wat er de laatste tijd allemaal gebeurd is om ideeën te ontwikkelen voor wat me te doen staat.

En weer had ik minder impulsief, misschien ook minder principieel, moeten handelen. Ook is het, zoals dat wel vaker voor kwam in mijn bestaan, andermaal zo dat ik in een situatie ben terecht gekomen die ik niet had kunnen zien aankomen. Ik heb weer eens goed rekening gehouden met de belangen van anderen, nota bene het bedrijf waar ik voor werkte, en zelf schiet ik er weer bij in.

Als ik had geweten dat de last die ik had van mijn voet niet iets was dat vanzelf over ging, maar een aandoening waar ik hoogst waarschijnlijk een paar maanden zoet mee ben, had ik natuurlijk mijn baan niet opgezegd. Dan had ik me gewoon ziek gemeld. Nu heb ik me in mijn laatste week ook ziek moeten melden, omdat ik simpelweg niet meer kon staan van de pijn, maar helaas nadat ik al had aangegeven het niet meer vol te houden bij mijn laatste werkgever.

Het heeft nu nare consequenties dat ik, bij mijn laatste werkgever, heb aangegeven, op die plek, in die functie, met die onderbezetting en zonder de beloofde begeleiding zo niet verder wilde werken. Ik werd er ook echt doodongelukkig. Op het moment dat ik met mijn manager en een interim om de tafel ben gaan zitten om het beëindigen van mijn arbeidsovereenkomst te bespreken, had ik al gesolliciteerd bij een ander bedrijf. Zelfverzekerd als ik soms kan zijn, mede door het leuke gesprek en de rondleiding in het bedrijf, ging ik er min of meer van uit dat ik die baan al had. Zodoende maakte het mij toen ook niet veel uit hoe er op papier gezet werd dat mijn contract voortijdig werd gestopt. (Zie consequent zijn) Dientengevolge staat in mijn ontslagbrief dat de arbeidsovereenkomst op mijn verzoek is beëindigd en ben ik , in de ogen van het UWV, zodoende verwijtbaar werkeloos. En dan heb je ineens geen recht op WW. Bovendien heeft het er alle schijn van dat mijn laatste werkgever mij ook niet ziek uit dienst heeft gemeld, ondanks dat ik de laatste week in de ziektewet zat. De gevolgen daarvan zijn mij nog niet bekend, maar ik heb zo’n donkerbruin vermoeden dat me dat ook niet goed gaat uitkomen.

Ik ging naar de huisarts omdat ik al een hele tijd last had van mijn rechter voet. In het begin dacht ik steeds dat ik een steentje in mijn schoen had, maar iedere keer als ik dan mijn schoen uit deed bleek er niets in te zitten. Ook had ik een wondje aan de binnenkant van mijn voet. Ik dacht dat gaat vanzelf wel over, maar het werd steeds erger. Dit bleek een ulcus cruris venosum zeg maar een open been te zijn. Omdat de pijn niet alleen oppervlakkig, maar juist ook van binnen komt, werd gevreesd dat de ontsteking ook het bod had aangetast. Na een bezoek aan de afdeling radiologie bij het Radboud UMC, werd duidelijk dat dit het gevolg van een hielspoor was.

Beide aandoeningen hebben als directe oorzaak overbelasting. Te lang staan. De diensten van meer dan 10 en soms zelfs 12 of 13 uur met zo goed als, en regelmatig helemaal geen, pauze hebben hier natuurlijk geen goed aan gedaan. Natuurlijk werkt mijn postuur en overgewicht hier ook in mijn nadeel.

Inmiddels ben ik onder behandeling bij de Maurits kliniek waar ik komende week een soort vaatonderzoek krijg en waar mijn been nu steeds gezwachteld wordt. De wond wordt behandeld met zilver en zeewier. Dat vind de zingende oesterman dan wel weer een mooi gegeven. Om niet heel de nacht wakker te liggen van de pijn krijg ik nu pijnstillers op basis van morfine. Het moet maar even zo.

Mijn goede voornemens voor wat betreft het meer bewegen, weer gaan sporten, staan nu noodgedwongen even in de ijskast.

Met mijn been omhoog heb ik wel weer tijd om te schrijven en om te studeren. Ook ben ik flink aan het nadenken en het een en ander op papier aan het zetten betreffende nieuwe concepten, acts, liedjes, teksten en ook overweeg ik weer de stap naar het zelfstandig ondernemen.

Ik ben dus weer beschikbaar voor opdrachten als muzikant (als ik niet te lang hoef te staan) en tal van andere nieuwe uitdagingen. Benader me dus gerust als je me kan gebruiken als acteur, muzikant, kok, oesterman, of om eens mee te denken over heel iets anders.

Begin december ga ik voor het eerst sinds lange tijd weer op pad met mijn goede vriend Cees Rombout. We hebben zelfs al een naam voor ons animatie duo; Duo Burlesk!

Hierover later meer ….

Consequent zijn

twit linkedIn instagram facebook pintrest G+

Ooit beloofde ik mezelf te stoppen met optreden zodra ik het niet meer leuk vond om te doen. Natuurlijk was ook toen niet iedere dag het feest dat het voor de buitenwereld misschien leek te zijn. Maar het gevreesde moment is nooit gekomen. Om hele andere redenen is er een soort van, misschien tijdelijk, einde aan mijn artistieke carrière gekomen. Tijdens mijn loopbaan als theatermaker en muzikant ging ik echter zelden of nooit met lood in mijn schoenen, of zelfs met tegenzin naar mijn werk. Het was een strijd, en soms vechten tegen de bierkaai. Het had wel wat van Don Quichote’s gevecht met de windmolens. Maar ik wist zeker dat ik deze strijd iedere dag ging winnen. Vaak was het wel frustrerend. Ik gebruikte vaak de metafoor van de cadeaus. Alsof je ergens aan komt met heel veel mooie subtiele kleine ingepakte cadeautjes waar je je ziel en zaligheid hebt ingelegd. Het publiek ziet deze mooie pakjes helaas nogal eens over het hoofd en pakt alleen de in het oog springende grote doos met rode strik uit. Je zelfgeschreven melodieën en teksten interesseert een groot deel van het publiek geen moer. Ze willen lallen, mee schreeuwen en het liefst met nummers die ze al kennen.

En toch wist ik in dat vak mijn weg te vinden, en haast ieder publiek tevreden te stellen zonder er zelf aan onderdoor te gaan. Zelfs het publiek dat vroeg om “Malle Babbe” en “Hazes” vermaakte ik en wist ik naar tevredenheid op maat te bedienen, zonder te veel concessies te hoeven doen.

Nu is het anders, ik merk dat ik me in een systeem bevind waarin ik me verre van thuis voel. Ik heb nu geen invloed op de windmolens. Natuurlijk is het als kok ook zo dat je publiek, de gasten, lang niet altijd aandacht hebben voor je product. Naar het schijnt weten mensen regelmatig achteraf niet of ze vlees of vis hebben gegeten. Laat staan dat ze dan weten wat voor vlees of wat voor vis. En gelukkig zijn er ook mensen die wel heel bewust proeven en genieten van hun maaltijd.

Mijn probleem momenteel is veeleer dat het aan me vreet dat ik meewerk aan iets waar ik principieel op tegen ben en ik zie het er niet van komen dat ik binnen dit concept kan vinden wat ik zoek. Zoals altijd is het geven en nemen. Ik wil een vak leren. Dat doe ik deels op school, en deels in de praktijk. Omdat ik nog geen zelfstandig werkend kok ben, krijg ik minder betaald en als wederdienst verwacht ik coaching en sturing.

Met de chef met wie ik mijn sollicitatiegesprek had, had ik direct een klik. Hij snapte wat ik wilde en kon mij de sturing bieden die ik behoef om, dat wat ik tijdens mijn opleiding leer, in praktijk te kunnen brengen. Ik had hem ook duidelijk aangegeven dat ik niet alleen maar koud wilde staan, maar me met name op de warme kant wil richten. Ook omdat ik nu bezig ben met de module streekgerechten en omdat ik bij mijn vorige baan niet of nauwelijks aan de Roti kant heb gewerkt.

Helaas begon deze chef aan een nieuwe uitdaging bij een ander restaurant, waar hij kon gaan samenwerken met een sterrenchef. Zijn opvolger was net voor het eerst tot chefkok gepromoveerd en kon op ieder moment vader worden. Ook kampte hij met een enorm personeelstekort en werkte ik zodoende steeds met invalkrachten en had hij veel moeite om het rooster ingevuld te krijgen. Begrijpelijkerwijs lag zijn focus niet erg op mijn begeleiding. De zojuist tot souschef gebombardeerde andere kok was iemand die het heel druk had met het zichzelf er van overtuigen dat hij dit kon. Een persoon waarmee ik echt geen klik had. Bij zo’n beetje alles wat hij deed dacht ik eigenlijk, zo kan het ook, maar zo hoort het niet. Ik heb denk ik zelden zo schaapachtig uit mijn ogen gekeken als toen ik als antwoord op een vraag naar een bereidingswijze kreeg te horen dat hij dat niet wist, hij stond immers zelden `garde` en dat ik dat maar moest googelen.

Het lijkt er meer op dat ik, onder het voorwendsel dat ik de dingen die ik wilde leren kon leren, een goedkope werknemer ben, die er voor moet zorgen dat er een product, ver beneden de kostprijs, kan worden geleverd. Uiteindelijk heb ik alleen de eerste twee dagen warm gestaan en is er verder niets terecht gekomen van de gemaakte afspraken.

Ik kan niet zeggen dat ik niets geleerd heb in de drie restaurants waarin ik heb gewerkt. Ik heb af en toe zelfs iets, wat ik op school geleerd heb, in praktijk kunnen brengen. Meestal dan wel net even anders omdat het anders veel te duur wordt, of te lang duurt. Verder heb ik vooral goed geleerd hoe het naar mijn idee niet moet; wat ik niet wil doen en hoe je niet met mensen, werknemers en collega’s hoort om te gaan.

Het is naar mijn idee onvermijdelijk om op een bepaalde manier te werk te gaan als je met beperkte middelen een product van een bepaald niveau wilt leveren. Ik zeg niet dat er verkeerd gewerkt word. Het is een duidelijke keuze. Het merendeel van de gasten wil zo veel mogelijk krijgen en zo weinig mogelijk betalen. Dit wordt nog eens versterkt door alle prijsvechters als de hotelbon, social deal, vakantieveiling, etc. Er is een behoefte waarin wordt voorzien. Vraag en aanbod. Mac Donalds, Van der Valk, en alle daar op lijkende bedrijven, zijn hiervan het levende bewijs.
Dat laat echter onverlet dat ik daar geen deel van wil uitmaken. Ik pas daar niet bij. Of andersom; het past niet bij mij.

Ik heb gedacht dat ik onder aan de ladder moest beginnen. Ook vond ik dat ik onbevooroordeeld moest zijn. Pas een oordeel vellen als ik het zelf heb beleefd. Ik heb echter onderschat wat het met me zou doen, onderdeel uit te maken van een systeem waar ik principieel op tegen ben.

Na zelfstandig ondernemer te zijn geweest, blijft het lastig om samen te werken met mensen die op een bepaalde manier werknemer zijn. Ik heb in heel veel soorten werk gewerkt met heel veel verschillende soorten mensen en altijd was er meer dat ons bond dan dat ons scheidde. Dit keer dus niet.
Kortom ik pas niet bij het soort onderneming èn niet bij het soort werknemers.

Zoals de titel van dit blog waarschijnlijk al deed vermoeden heb ik gemeend consequenties te moeten verbinden aan bovengestelde conclusies. Ik heb dan ook mijn manager gemaild met de boodschap dat ik mijn dienstbetrekking wens te verbreken.

Inmiddels heb ik met hem en een interim chef om de tafel gezetten en zijn we het er, mede wegens boven vernoemde zaken, over eens geworden dat de arbeidsovereenkomst zo snel mogelijk beëindigd moet worden.

Ik wilde, ondanks de afschuwelijke werksfeer, nog doorwerken tot bijna het einde van de maand, zodat ze voldoende tijd hadden om de roosterproblemen op te lossen, maar mijn lijf hield er mee op. Het lijkt wel of mijn lijf aan de noodrem trok.
Hierover later meer.

De vakantie zit er op, tijd voor nieuwe uitdagingen; nieuwe banen, nieuw schooljaar, nieuwe levensjaren …

Aan het eind van deze maand begin ik al weer aan mijn 54e levensjaar. Vlak daarna op 1 september begin ik aan mijn nieuwe baan en een maand later, vlak voor haar verjaardag, gaat de nieuwe functie van Juliëtte in.

Net voor mijn verjaardag, op de 25e augustus, ga ik weer een keertje optreden als Yann Lawick de troubadour. En nog wel gewoon in Nijmegen. Het zou leuk zijn om jullie daar te zien. Zie voor meer informatie mijn vorige blog.

Nieuwe banen.

Na bijna tweeënhalf jaar met veel plezier gewerkt te hebben voor DroomVillaLux, is het moment daar om te beginnen aan een nieuwe uitdaging. Op 1 augustus werkte ik al weer een jaar bij Restaurant de Wereldkeuken in Arnhen. Dat jaar is echt omgevlogen. De baan daarvoor bij Restaurant De Villa in Nijmegen trouwens ook. Het waren twee zaken waar ik met veel plezier heb gewerkt en waar ik zeker ook veel heb geleerd. Hiervoor wil ik al mijn collega’s hartelijk danken. Met name mijn twee chefs Thomas Franken en Marc van Laar, maar zeker ook Patrick Rutjes met wie ik bij beide zaken heb gewerkt en die me, zoals hij het zelf graag noemt, heel wat keren “uit de zeik” heeft geholpen. Het gaat te ver om alle andere collega’s ook te benoemen, maar van iedereen steek je wel wat op, en ik neem deze ervaring mee naar mijn nieuwe werk- en leerplek Hotel Landgoed Holthurnsche Hof in Berg en Dal. Een prachtig bedrijf op een minstens zo mooie locatie. De chef waarmee ik mijn sollicitatiegesprek had, Patrick Idema, gaat helaas net weg als ik begin. Best jammer, want ik voelde tijdens het gesprek een klik waardoor ik heel graag met hem gewerkt en van hem geleerd had. Hij is duidelijk creatief en daardoor ook op een andere manier geïntereseerd. Ik wens hem veel succes èn plezier op zijn nieuwe werkplek bij Bilderberg Hotel Klein Zwitserland èn restaurant De Kromme Dissel. Ik heb zo’n voorgevoel dat we elkaar nog wel gaan tegenkomen.

Juliëtte begint op 1 oktober als case manager met als aandachtspunt urologie op UMC Radboud. Na 17 jaar op de verpleegafdeling urologie/gynaecologie te hebben gewerkt een min of meer logische stap vooruit. Wat voor haar vooral fijn is, is dat de avond- en nachtdiensten straks tot het verleden behoren èn dat het fysieke stuk waar je af en toe niet onder uit komt ook vervalt. Je bent te vaak toch even geneigd te helpen met tillen en dat kan het ruggetje op een bepaald moment niet meer aan. Het is best spannend zo’n nieuwe functie en er komt stiekem ook nog een hoop studie bij kijken, maar ik merk vooral enthousiasme en dat doet me deugd.

Wij komen er wel 😜

Begin september mag ik ook weer iedere dinsdag naar Antwerpen dit semester staat in het teken van de streekgerechten van daar. Dat belooft gerechten met elixer d’Anvers, De Koninck en Duvel. Ik zal mijn best doen om via Twitter en Instagram, zo nu dan, het water uit jullie monden te doen lopen. Daarna zal ik de gerechten traditiegetrouw voorproeven en verslag doen van de beleving.

Wordt vervolgd ….

#iemandmoethetdoen.